Je bent wellicht wat psychologen informeel een “patroonversterker” noemen. Je ziet mogelijkheden waar anderen geen mogelijkheden zien.
Je geest verbindt punten, construeert verhalen en weeft betekenis uit zelfs de kleinste details. Creativiteit en verbeeldingskracht bepalen je manier van denken.
Deze gave maakt van jou een visionair. Je voelt je waarschijnlijk aangetrokken tot kunst, verhalen vertellen, design of innovatie – alles wat je in staat stelt te onderzoeken wat mogelijk zou kunnen zijn, in plaats van alleen wat er is.
Maar er is ook een keerzijde: diezelfde verbeeldingskracht kan er ook voor zorgen dat je dingen overanalyseert of ervan uitgaat dat jouw waarneming de enige juiste is.
De veelbesproken kop — “Het aantal driehoeken dat je ziet, bepaalt of je een narcist bent” — speelt in op dit idee.
Het feit dat je te veel ziet of erop staat dat anderen de dingen op jouw manier zien, maakt je nog geen narcist in de klinische zin van het woord.
Het duidt simpelweg op zelfvertrouwen – soms te veel zelfvertrouwen – in iemands interpretatie van de wereld.
In een gezonde balans stimuleert dit zelfvertrouwen de creativiteit. Als het niet onder controle wordt gehouden, kan het samenwerking en empathie belemmeren.
Waarom zijn we zo gefascineerd door deze optische spelletjes?