De hippocampus, een deel van de hersenen, is het centrum voor leren en geheugen, en de hersencellen in dit gebied zijn vaak de eerste die beschadigd raken. Daarom is geheugenverlies vaak een van de eerste symptomen van de ziekte.
Hoewel de meeste veranderingen in de hersenen die met dementie gepaard gaan permanent zijn en in de loop der tijd verergeren, wijzen niet alle veranderingen in geheugen, denken en gedrag op de aanwezigheid van dementie. Problemen met denken en geheugen kunnen bijvoorbeeld worden behandeld als ze een uiting zijn van de volgende aandoeningen:
Depressie
Bijwerkingen van medicijnen
Alcoholmisbruik
Schildklieraandoening
Vitaminetekort
Diagnose
Er bestaat geen test om vast te stellen of iemand dementie heeft. Artsen diagnosticeren de ziekte van Alzheimer en andere vormen van dementie op basis van een grondige anamnese, lichamelijk onderzoek, laboratoriumgegevens, kenmerkende veranderingen in denken, dagelijks functioneren en gedragspatronen die met elk type dementie samenhangen.
Artsen kunnen met grote zekerheid vaststellen dat iemand dementie heeft. Het is lastiger om het specifieke type te bepalen, omdat de symptomen en veranderingen in de hersenen bij verschillende varianten van deze aandoening op elkaar kunnen lijken.